Visie op toekomstbestendig beheer

Beheer en onderhoud Zeijerwiek

Lange termijn visie Zeijerwiek:

Het landschap 'De Zeijerwiek' is een onderdeel van ons Natuurnetwerk Nederland (NNN), de ecologische hoofdstructuur van Nederland: een samenhangend netwerk van bestaande en toekomstige natuurgebieden in Nederland. Het vormt een belangrijk onderdeel van het natuurbeleid. Het streven is de biodiversiteit in Nederland ten minste te stabiliseren, en dus verdere achteruitgang tegen te gaan: het door de EU aanvaarde standstillbeginsel.
Vanuit het oogpunt van cultuurhistorische betekenis voor het dorp wordt de Zeijerwiek hersteld (zie accentuering loswal), ontwikkeld en beheerd. De biodiversiteit is hoog vanwege 30 jaar lang gevarieerd beheer en het op peil houden met zeer schoon grondwater. De monitoring van dit gebied vindt inmiddels structureel plaats.
Deze gedachtelijn betekent voor het beheer dat vooral langs de smalle lange armen van de Zeijerwiek, waar vroeger de schepen werden voortgetrokken geen plaats is voor de ontwikkeling van struiken of grotere bomen. Voor een deel zijn of worden deze dan ook verwijderd. De landschappelijke accentuering van de wiek zijn de naastgelegen ‘houtsingels’ die de lijnen vormen. Deze zijn in de ruilverkaveling Vries vanuit landschappelijk oogpunt aangelegd. Hierin worden een aantal oudere eiken aangewezen die de potentie hebben om ´eeuwenoud te worden´. Deze worden ook vanuit ´beleving en verwondering´ vrij gezet.
Deze keuze wordt nog belangrijker nu aan beide zijden zich bos (landgoed) gaat ontwikkelen. De hooggelegen smalle waterkerende dijk van de wiek, is kwetsbaar en kent al enkele 'lekken'. Vanuit veiligheid worden ook grotere bomen die op deze dijk groeien terug gezet.
De beleving voor de wandelaar wordt vergroot door zichtlijnen open te houden waardoor de bijzondere kenmerken van de Zeijerwiek, de doorsnijding van het Veldakkerveen en het aangrenzende beekdal van de Broekenloop zichtbaar blijven. Voor de hengelaars worden enkele visplekjes open gehouden.
 

Werkgroep

  • biodiversiteit behouden en waar mogelijk vergroten
  • open en beleefbaar houden
  • waterstand op peil houden
  • pleksgewijs maaien van de oevers
  • afvoeren maaisel ten behoeve van en het beheren van diverse broeihopen voor de ringslang
  • beheren visstand
  • openhouden enkele visplekjes
  • zwerfvuil opruimen

 

Herstel en beheer van veentjes rondom Zeijen

Werkgroep

Lange termijnvisie veentjes rondom Zeijen
Er zijn rond Zeijen nog meerdere veentjes die bewaard zijn gebleven na de ingrijpende verandering van het landschap in de ruilverkaveling Vries. Met uitzondering van het Veldakkersveen zijn deze waardevolle en zeldzame pingo-ruïnes nog geen onderdeel van het Nationaal natuurnetwerk (NNN) en dreigen te verdrogen en te verarmen. Het gevolg was dat de veenputten waar ooit veen werd gewonnen geleidelijk verlandden en verdwenen. Door de oxidatie van het restveen dreigde ook dat te verdwijnen. Gekozen is om een viertal veentjes weer in de oude staat te herstellen en om het verhaal van het verleden waar mogelijk te laten beleven. Dat betekent dat de geïsoleerde ligging van de veentjes moet worden opgeheven, dat het waterpeil in fases wordt verhoogd en het inzijgende water van goede kwaliteit moet zijn. Door grondverwerving of bestemmingswijziging zijn deze uitgangspunten in het Veldakkersveen en in het Haverkampsveen grotendeels gehaald. Het Bollenveen en het Meestersveen vragen nog de nodige inspanningen. De historie van het ´vervenen´ is vooral in het Bollenveen en Veldakkersveen goed zichtbaar door de weer zichtbaar gemaakte oude veenputjes .
In het Meestersveen en Bollenveen zijn op historische plekken twee tjaskermolentjes geplaatst. het beheer van deze molentjes gebeurt door onze vrijwilligers.
Het maaien gebeurt op plaatsen waar zichtbaarheid en beleving nodig blijft. Of wanneer bepaalde plantensoorten, waaronder veenmossen ´een duwtje in de rug nodig hebben´. Wanneer het veenmos zich voldoende heeft hersteld wordt het maairegime aangepast of stopgezet. Op sommige plekken wordt zo mogelijk opslag van houtige gewassen in de wintermaanden verwijderd om het veentje open te houden. Het maaisel uit de veentjes wordt in broeihopen weggezet voor de ringslang, salamandersoorten en ander fauna. De broeihopen zijn compact en worden gebouwd op halfzonnige plekjes aan de randen van de veenties of poelen.
Ook diverse vogelsoorten hebben de veentjes inmiddels ontdekt. De duikende ijsvogel en de watersnip zijn gesignaleerd.
Om het Haverkampsveen wordt door schapen begrazing ingezet, ter vervanging van het ontbreken van natuurlijke grazers zoals herten, reeën en zwijnen. Deze begrazing is zeer extensief en wordt geleidelijk afgebouwd. Ook rond andere waardevolle cultuurhistorische elementen is kleinschalige begrazing door schapen of geiten gewenst.
 

Werkgroep

 

Beheer van Veentjesroute Zeijen

  • begaanbaar houden van wandelpaden.
  • beleving behouden en vergroten, bijvoorbeeld door toegankelijkheid en bepalende zichtlijnen.
  • onderhoud informatiebordjes.
  • beheren van de 'gedichtenroute'.
  • beheren recreatieve voorzieningen.

Werkgroep

 

Gevarieerd onderhoud van houtwallen- en singels.

Werkgroep

Lange termijn visie op houtsingels en houtwallen


De houtsingels zijn grotendeels in de ruilverkaveling aangelegd. het kwam nogal eens voor dat de nieuwe houtsingel direct naast de bestaande oudere houtwal werd aangeplant. Deze nieuwe houtsingels waren 'de compensatie' voor het verdwijnen van houtwallen, bosjes en vennetjes en andere landschapselementen in de ruilverkaveling. De laatste veertig jaar hebben de houtsingels zich vrij eentonig en uniform ontwikkeld. Het beheer is erop gericht om meer variatie in de houtsingels aan te brengen. Door bepaalde 'vakken' te dunnen of meer open te maken ontstaat een meer gevarieerde begroeiing. Dat is gunstig voor andere flora en fauna. In de wat bredere singels ontstaat een nieuw 'microklimaat'. Diverse vlinder- en vogelsoorten hebben daar baat bij. Ook schuilgelegenheid en voedsel voor bijvoorbeeld de ree worden hierdoor verbeterd.
In bepaalde delen worden omgewaaide bomen met rust gelaten. Ook daar onstaan nieuwe levensvormen, want 'dood hout leeft'.
Eeuwenoude bomen, waaronder eik en beuk zijn in ons landschap zeer zeldzaam. Enkele bomen rond ons dorp zijn inmiddels meer dan een eeuw oud en enkele anderen zijn kansrijk om die leeftijd te gaan halen. Zij krijgen de ruimte en zijn vanuit de beleving en educatie zichtbaar gemaakt. Ooit zal Zeijen wellicht een 'heilige' eik hebben van 400 à 500 jaar oud.

 

De bosranden; biodiversiteit en natuurbeleving vergroten

Bosranden zijn van belang voor allerlei soorten vlinders en andere insecten, vooral indien de ligging op het zuiden is. Ook kleine zangvogels, amfibieën en reptielen maken gebruik van bosranden. Het is belangrijk dat er verschillende soorten, bloeiende struiken in de bosrand voorkomen en dat er een geleidelijke overgang is. Indien er, uiteindelijk, voldoende grote open plekken in het bos voorkomen fungeren deze randen als natuurlijke bosranden. Een aantal soorten zijn meer op het naastgelegen open terrein georiënteerd zoals de Zeijerwiek en het Veldakkersveen maar hebben de bosrand nodig voor een deel van hun activiteiten of levenscyclus. Bosranden moeten voor een goede functievervulling een geleidelijke overgang zijn van het opgaande bos naar de open terreinen, variërend in breedte, begroeiing en expositie. Bij landgoed Zeijen is een begin gemaakt met het aanpassen van de harde grenzen van de bosranden. In overleg is het beheer gericht op het pleksgewijs creëren van geleidelijke overgangen zoals tegen het Veldakkersveen, langs het weideland en enkele meer ´aangelegde´open ruimten in het nieuwe bos. Hier liggen grote kansen voor ontwikkelen microklimaat in het bos en een hoge ecologische meerwaarde. Daarnaast wordt ook de belevingswaarde voor de mens vergroot want de randen worden mooier, gevarieerder en spannender.
De praktijk leert dat afgezette jonge bomen snel uitlopen met nieuwe scheuten en dat ook andere soorten ter plekke ruimte krijgen, hetgeen de diversiteit versterkt. De opnieuw uitgelopen stobben zijn na 2 a 3 jaar vaak ruim boven de 1,5 meter hoog. In de communicatie is belangrijk te noemen dat juist het afzetten leidt tot bosverjonging en niet 'het verdwijnen' van bomen of bos.

 

Werkgroep

 

 

Voorlichting en educatie

Werkgroep

  • informatiebordjes langs de wandelroute
  • publicaties op website en het Zeijerkraantie
  • verzorgen excursies
  • lespakket voor basischool in nauwe samenwerking met het Staatsbosbeheer.
  • Kinderen in het Landschap.
  • GPS routing

 

Overige werkzaamheden

  • beheer vleermuisbunker
  • onderhoud eigen materialen, schaftkeet, gator, bosmaaiers, motorzagen, handgereedschappen;
  • volgen van cursussen 'veiligheid werken met gereedschappen'.


Terug